In maart en april volgend jaar organiseert de LKK opnieuw een bijzondere expositie in de sfeervolle Schinvelderhoeve in Schinveld. Ditmaal staat alles in het teken van het thema ‘The Roaring Twenties’.
Een tijdperk dat bekendstaat om zijn bruisende energie, vernieuwing, artistieke vrijheid en donkere tijden. De jaren twintig waren een periode waarin oude tradities plaatsmaakten voor nieuwe ideeën, waarin kunst, muziek, mode en cultuur volop in beweging waren.
Maar wat betekent dit thema precies en hoe heeft de LKK dit vertaald naar de komende expositie? Voorzitter Jan Thijsen neemt ons mee in de gedachte achter het thema en geeft alvast een inkijkje in wat bezoekers straks mogen verwachten.
De jaren twintig waren van de twintigste eeuw bewogen, roerige en zotte jaren, die abrupt eindigden door de beurcrash van Wall Street. De LKK (Limburgs Kunstkring) was in 1910 opgericht en werd natuurlijk ook in deze dynamische tijd meegezogen. Grote culturele en economische vernieuwingen wereldwijd met een enorme economische groei en opkomende consumptiemaatschappij, lieten ons kennismaken met Jazzmuziek en de Charleston, met korte rokken en bobkapsels. De vrouwenemancipatie ontwikkelde zich snel door kiesrecht en banen buitenshuis. Zoals eerder vermeld kwam door de beurscrash in de VS in 1929 en de hyperinflatie in Europa een abrupt einde aan deze bijzondere tijd, die plaatsmaakt voor de opkomst van het fascisme en Adolf Hitler.
We zijn nu 100 jaren later weer aangekomen in de roerige jaren twintig. Ook nu is er onrust op geopolitiek gebied, onzekere economische omstandigheden, bedreigingen door klimaatverandering, kunstmatige intelligentie, mens vervangende technologie, dreiging door oorlog en een consumptiemaatschappij die niet langer houdbaar is op dit niveau. Dit leidt tot grote onzekerheid en polarisatie in de bevolking met een sterke politieke verrechtsing en conservatisme als uitingsvorm, waardoor verworven rechten zoals seksuele en vrouwenrechten weer sterk onder druk staan. Het is een aanval op onze democratie en onze vrijheden.
We beleven dus weer roerige twintiger jaren. Welleswaar met een andere achtergrond maar met in principe dezelfde bedreigingen van onze vrijheden en democratie. Als we hierop niet alert zijn gaat het ons veel kosten en vooral het vrije woord, vrije expressie en vormgeving sneuvelen even snel als het vrije denken en de democratie. De kunst en de individuele kunstenaar heeft in dit machtsspel een taak om de vrijheid van creëren, de vrijheid van denken, handelen en expressie te blijven uitdagen, uitdragen en verdedigen. Want als de vrijheid van de kunst is gestorven is ook de democratie dood. Net als in 1910 heeft de Limburgse Kunstkring de vrijheid om met dit gegeven aan de slag te gaan, de vinger aan de pols te leggen en vooral vast te leggen wat we observeren en voelen. Een tijdsdocument met een unieke kans voor de kunsten.
Jan Thijssen





